De Oranjemannen treurden, stonden met de handen in de zij, terwijl de Spanjaarden feestvierden om hun eerste wereldtitel. Vreugde en verdriet heeft zelden zo dichtbij elkaar gelegen. De wedstrijd ging heel lang gelijk op. Spanje was technisch superieur en kreeg erg goede kansen, maar ook Arjen Robben had de levensgrote mogelijkheid Oranje naar de wereldtitel te schieten.

Het was een harde finale, waarin Howard Webb maar liefst dertien gele kaarten (acht voor Nederland, vijf voor Spanje) en een rode kaart trok, voor John Heitinga, die met z’n tweede gele kaart terecht van het veld moest. Hij had in de verlenging de doorgebroken Iniesta licht getoucheerd. Nederland moest nog tien minuten met tien man vol zien te houden. Ook Robben kreeg nog bijna zijn tweede gele kaart, nadat hij doorspeelde na een fluitsignaal voor buitenspel. Maar die tien minuten werden Nederland uiteindelijk teveel.

Verlenging

Na Iker Casillas kreeg ook Maarten Stekelenburg de kans zich te onderscheiden. Hij redde in de eerste verlenging briljant op een vrije kans van de ingevallen Cesc Fabregas. Kort daarna kreeg Joris Mathijsen een kopkans, maar die ging over. Van Marwijk bracht Rafael van der Vaart in het veld voor De Jong, zodat Oranje iets meer voetbal in de ploeg kreeg. Ook Giovanni van Bronckhorst ging eraf, met kramp. Edson Braafheid kwam erin, waardoor Klaas Jan Huntelaar zijn hoop op een invalbeurt kon laten varen. Spanje kreeg nog twee kansen in de eerste verlenging, allebei verijdeld door Van Bronckhorst.

Nederland oogde meer dreigend in de tweede helft van de reguliere speeltijd. Twee keer was Arjen Robben er dichtbij om Oranje naar de wereldtitel te schieten. In de 64ste minuut gaf Wesley Sneijder de aanvaller een vrije doortocht op Iker Casillas. De Spaanse keeper kreeg er net de punt van zijn schoen tegenaan. In de 81ste minuut was Robben er weer vandoor, maar ontdeed hij zich van Carlos Puyol en Gerard Pique, ondanks dat er een overtreding op hem werd gemaakt. Weer redde Casillas.

Grote kansen Spanje

Ook Spanje kreeg grote kansen na rust. John Heitinga maaide over de bal heen in de 71ste minuut. Maar David Villa schoot naast. Ook Sergio Ramos kreeg alweer zijn derde vrije kans van de wedstrijd. Vrijstaand kopte hij over. Na 73 minuten bracht Van Marwijk Eljero Elia voor de tegenvallende Kuyt. Robin van Persie wisselde onwennige acties met momenten van brille af. Twee keer werd hij in kansrijke positie over het hoofd gezien door Robben. Maar ook nu weer solliciteerde Van Persie toch naar een wissel.

Wederom was het spel van beide kanten niet briljant. Er werden veel fouten gemaakt. Maar Nederland wist wel ruimte in het spel te houden en dreigend te blijven, waardoor Spanje nooit echt in zijn spel kwam. Hier en daar werd de frustratie zichtbaar in de tweede 45 minuten, waarin Webb ook Heitinga, Van Bronckhorst, Robben en Capdevila geel gaf.

Gele kaarten

De eerste helft was vooral hard van Nederlandse kant, maar ook twee Spanjaarden kregen geel. Nederland greep naar harde middelen. Mark van Bommel en Nigel de Jong ontsnapten zelfs aan een rode kaart. Maar gaandeweg kreeg Oranje wel meer grip op het Spaanse positiespel.

Spanje begon furieus. Het verraste Nederland. Binnen vier minuten moest Maarten Stekelenburg al een kopbal van Sergio Ramos uit zijn doel boksen, de rebound was niet aan Gerard Piqué besteed. Drie minuten later omspeelde Ramos Kuyt in de zestien meter, maar zijn vizier stond vrij voor Stekelenburg niet op scherp. In de elfde minuut kreeg Spanje alweer zijn derde kans, ditmaal schoot David Villa in het zijnet. Oranje mocht op dat moment van geluk spreken dat het nog 0-0 stond.

Nederland stelde er bedroevend weinig tegenover in die beginfase. Wel werd duidelijk hoe Nederland wilde spelen: ver van de goal, en Spanje opvangen op de middenlijn. Desnoods met harde overtredingen. In de eerste helft kreeg Oranje drie gele kaarten. Van Persie, De Jong en Van Bommel kregen van de scherpe Engelsman Howard Webb een prent. Gaandeweg de eerste helft kreeg Nederland meer grip op het duel, en wist het effectief de Spaanse aanval te ontregelen.

Aan het einde van de eerste helft kwam Spanje er nauwelijks meer doorheen en ontstonden zelfs enkele kansen. Joris Mathijsen wist uit een corner een vrije schietkans niet te benutten. Arjen Robben, die als enige Nederlander continu dreigend was, schoot vlak voor rust hard in de korte hoek, maar Iker Casillas redde knap.

Al met al kan Nederland, dat zich knap, hard en slim verweerde tegen de technisch en tactisch sterke Spanjaarden, alleen zichzelf verwijten dat het de kansen niet benutte. En er blijft een nasmaak hangen, omdat spits Huntelaar de kans werd ontnomen aan te tonen dat hij doeltreffender kan zijn dan Van Persie, die wederom nauwelijks in het spel voorkwam.

Statistieken:

Nederland – Spanje 0-1 (0-0) n.v.

Scoreverloop: 116. Iniesta 0-1.

Geel Nederland: Van Bommel, De Jong, Van Persie, Van Bronckhorst, Heitinga, Robben, Van der Wiel, Mathijsen.

Geel Spanje: Ramos, Puyol, Capdevila, Iniesta, Xavi.

Rood: Heitinga (2x geel).

Opstelling Nederland: Maarten Stekelenburg, Gregory van der Wiel, John Heitinga, Joris Mathijsen, Giovanni van Bronckhorst (105. Edson Braafheid), Nigel de Jong (95. Rafael van der Vaart), Mark van Bommel, Arjen Robben, Wesley Sneijder, Dirk Kuyt (70. Elia), Robin van Persie.