Vanmorgen zon en wolken! Dat betekent dat de grasmat bij het hotel uitstekend geschikt is om de training af te werken. Een hersteltraining voor de spelers van gisteren en een wat intensievere training voor hen die gisteren toekeken of slechts een gedeelte hebben meegespeeld. De rest van de dag verloopt volgens het vaste patroon van een niet-wedstrijddag. Aan het slot van de laatste studie-uren neem ik met een ieder zijn gemaakte en geleerde werk door, zodat ik hun schoolbegeleiders kan informeren over de inzet. Na het diner moeten 5 spelers nog een proefwerk maken.
 
Gisteren heb ik het eerste staflid een beetje in de schijnwerpers gezet en vandaag is het de beurt aan Edmond Claus, binnen de technische staf de keeperstrainer. Hij heeft veel meegemaakt, dus ook veel te vertellen.
 
Van keepertje naar keeperstrainer …en verder
Als klein jongetje moest ik op woensdagmiddag naar muziekles en kon dus niet op voetbal. Toen ik 9 jaar was, werd ik lid van een voetbalclub. Ik kwam in E4 en maakte als spits snel veel goaltjes. Drie weken later ging ik al naar E2, waarin alle boefjes uit de buurt speelden. Er was een keeper nodig, dus ik werd aangewezen. Dat ging ook goed en ik bleef op de goal. Het ging lekker, je hebt succes, ik vond het prima. Op vakantie deed ik altijd met campingvoetbal mee: als spits. Dat was ook leuk.
 
De volgende stap was de jeugdopleiding bij Haarlem. Daar ben ik op een gegeven moment een half jaar gestopt: het in weer en wind 45 minuten naar de training fietsen en een trainer waar ik als puber niet mee kon opschieten, waren daar de oorzaak van. Maar ja, niet voetballen vond ik ook niets en een beetje koppig was ik wel, dus ik hield dat een half jaar vol. Toen begon het toch zo te kriebelen dat ik me aanmeldde en weer ging spelen bij DCO. Daar kwam ik na de A1 bij de selectie, maar ze hadden al een zeer goede keeper. Ik ben toen overgestapt naar Geel Wit, waar ik 5 jaar keeper van het eerste was, een soort vriendenclub, waarbij de inzet en sfeer fantastisch was. We zijn van de vierde naar de tweede klasse gepromoveerd. Toen ik later bij de jeugd Amateurselectie van de regio Haarlem keepte, kwam ik in beeld bij Ajax. Ik werd daar keeper van het tweede elftal (de derde keeper van het eerste).
 
Ik werd daarnaast keeperstrainer bij de D-tjes en de E-tjes en maakte kennis met Frans Hoek, die toen verantwoordelijk was voor de hele keeperafdeling van Ajax. Toen hij met Louis van Gaal naar Barcelona vertrok heb ik zijn functie m.b.t. de jeugdkeepersafdeling inclusief de keepersscouting overgenomen. Ik keepte toen zelf nog in het eerste van VV Noordwijk en raakte op een gegeven moment geblesseerd. Het einde van mijn keepersloopbaan kondigde zich aan. Ondertussen had ik na mijn opleiding aan de sportacademie mijn TC 2 en TC 1 via het CIOS gehaald en kon ik bij Ajax ook aan de slag als teamtrainer: onder 16 en het eerste zaterdagteam kreeg ik onder mijn hoede en een paar jaar later de onder 16 (B2) van de opleiding plus de scouting. In 2001 en 2002 was ik hoofd jeugdopleiding Ajax Capetown. Een mooie uitdaging, aangezien het bijna vanaf de grond opgebouwd moest worden. In totaal ben ik 15 jaar bij Ajax werkzaam gebleven.
 
Vanaf 2005 ben ik 4,5 jaar hoofd opleidingen bij Haarlem geweest. Een geweldige en leerzame tijd: weinig hulpmiddelen, een prima staf, nauwelijks geld en goede (Ajax-)spelers, die uit de Ajax-scouting kwamen of uit Amsterdam moesten vertrekken en via HFC Haarlem een tweede kans kregen. Mooie voorbeelden zijn Quincy Promes, Gregory van der Wiel, Timo Letschert, Yassin Ayoub, Bilal Başaçıkoğlu en nog vele anderen. Later keerde ik terug bij Ajax. Jan Olde Riekerink was daar het hoofd opleiding en ik zijn assistent en trainer van onder 16. Toen hij naar China vertrok, vroeg hij mij mee te gaan als assistent. Daarnaast heb ik in die periode van 4 jaar het vak van keeperstrainer weer opgepakt. Er was nauwelijks iets wat daar op leek en de keeper is toch een belangrijke schakel in het veld en in het spel, zowel in de opbouw als in het verdedigen. Als hij niet functioneert, merk je dat direct in het elftal en aan het spel.
 
Wat zie je als hoogtepunt van je trainerscarrière?
Niet bepaalde wedstrijdsuccessen die ik behaald heb, maar spelers die achteraf zeggen dat ik ze meer inzicht gegeven heb t.a.v. hun persoonlijkheid en inzet, waardoor ze een omslag gemaakt hebben en op zoek gingen naar het beste wat ze in zich hadden. Dat ik daar een bijdrage aan geleverd heb, vind ik een hoogtepunt. Een speler die later zegt: 'Trainer, wat je toen met me deed, vond ik niet leuk, maar het heeft me wel aan het denken gezet en het heeft me geholpen bij mijn verdere ontwikkeling'. Mijn doel is niet alleen een goede training te  verzorgen, maar het gaat me om die 100% inzet. Die laatste 5 of 10% gebruikt een speler vaak te weinig. Spelers bewust maken dat dat het verschil maakt, dat is de winst.
 
Wat zijn je activiteiten op dit moment?
In november 2015 kwam ik na 4 jaar terug uit China. Mijn vrouw en 4 kinderen kwamen gedurende die jaren naar China in de zomervakanties en elke 5 weken kwam ik “even” naar huis. Dankzij de inzet en kwaliteiten van mijn vrouw en met de hulp van onze kinderen kon ik dit doen. Ik werd toen gevraagd door de KNVB om de cursus Pro Goalkeeperscoach UEFA A-opleiding voor keepers betaald voetbal bij te werken en te verzorgen. De afgelopen 2 cursussen waren door Frans Hoek en Kees Zwamborn verzorgd. In februari werd ik coördinator goalkeeperscoaching nationale teams. Dat betekent vergaderen, fungeren als klankbord voor de keepercoaches, spelhervattingen database opbouwen, spelhervattingen aanbrengen voor de teams, met teams meegaan en alles wat er verder bij zo’n functie komt kijken. Vanaf 1 juli ben ik assistent/keepers-coach bij Oranje onder 17 en 18 en voor 4 dagen in vaste dienst bij de KNVB.
 
Wat maakt jouw vak als trainer zo boeiend?
Ik maak deel uit van een staf waarbij ik de functie van assistent- en keeperstrainer heb. Daarnaast is er veel contact en overleg binnen de technische staf waar ik deel van uit maak. Dat is erg inspirerend. De keeper is “part of the team” en niet "a part of the team”. In de afgelopen jaren is men tot het inzicht gekomen dat de keeper een onderdeel van het team is. Het team functioneert goed, als hij één van de elf is. Kijk naar de opbouw. Dat gebeurt vaak vanuit de keeper. Als je traint zonder hem erin te betrekken, zal het tijdens de wedstrijd niet vloeiend verlopen. Het is uitdagend: docent zijn en betrokken zijn bij de praktijk. Voor mij is dat een must. De link met het veld, het directe contact, invloed op de groep, dat vind ik mooi.
 
Is het moeilijk om keepers te motiveren en kritiek te leveren?
Nee, waarom? Het is een kwestie van veel doen, fouten maken en daarvan leren en vooral ervaren dat het lukt. Er wordt wel eens gezegd dat keepers “gek” zijn. Hij staat op een andere positie. Als er wat te vieren is, staat hij ver weg. Is er een teleurstelling, dan is het vaak bij hem in de buurt. Het vraagt om een bepaald type mens: een groot verantwoordelijkheidsgevoel, leiding kunnen geven, niet bang zijn om te sturen en te organiseren. Het zijn gedreven personen.
 
Welke inzichten zijn vernieuwend in je vak?
De keeper is onderdeel van het hele team. Dat is niet direct nieuw. Maar nu de tweede stap: hij traint individueel, hij traint met een aantal spelers, met een linie, met meerdere spelers en met het hele team. De keeperstrainer traint steeds minder het individu, maar creëert en begeleidt samen met de trainer en de assistent-trainer situaties waarin keeper en spelers gezamenlijk tot een oplossing moeten komen. Hij moet in relatie tot zijn spelers of linies beter gaan functioneren met de laatste lijn of de middenlinie. Dit laatste maakt nu deel uit van de cursus goalkeepercoaching, maar er is nog een weg te gaan.
 
Hoe ziet je toekomst eruit?
Voorlopig spreekt de combi me erg aan. Nu ik weer keepers train, merk ik dat ik dat toch ook heel leuk vind. Op termijn zou ik graag weer Hoofd Opleidingen bij een club willen worden. Met veel plezier heb ik dat altijd bij Haarlem en Ajax Capetown gedaan. Een jeugdopleiding ontwikkelen, beleid maken, een staf aansturen, richting geven: ja, dat zijn zaken die me aanspreken.